Het Nationaal Voedings- en Gezondheidsplan België
2005–2010

Sinds 2005 neemt Sodexo actief deel aan het Nationaal Voedings- en gezondheidsplan België (NVGPB).

Sodexo doet dit door de voorstelling van zijn voedingscharter «Het smaakt goed – Het doet goed» in al zijn restaurants in de ziekenhuizen en rusthuizen.


1. Inleiding

Het Nationaal Voedings- en gezondheidsplan België is een initiatief van het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu.
Het NVGPB heeft als doel het verbeteren van de gezondheid van de Belgische bevolking en is gebaseerd op de aanbevelingen van de Europese Unie en de Wereld Gezondheidsorganisatie.

Men stelt talrijke gelijkenissen vast tussen de Lidstaten van de Europese Unie met betrekking tot de voedingsgewoonte, lichamelijke activiteit en prevalentie van zwaarlijvigheid.

  • Overgewicht is een groeiend probleem;
  • De consumptie van groenten en fruit is lager dan de aanbevelingen;
  • De aanvoer van verzadigde vetten is veel te hoog;
  • Het verbruik van graanproducten zakt;
  • De consumptie van vlees stijgt;
  • De toegankelijkheid tot gezonde voeding met een hoge nutritionele waarde vermindert;
  • Er bestaat een deficiëntie aan microvoedingsstoffen: ijzer, jodium, vitamine B9, enz.

De volgende vaststellingen spelen een belangrijke rol in de uitwerking van de doelstellingen van de NVGPB.

  • 15 % van de bevolking nuttigt minder dan één keer per week melk en zuivelproducten.
  • Een uiterst geringe consumptie van fruit en groenten. Een derde tot zelfs de helft van de bevolking eet elke dag fruit en 12,5 % eet minder dan één keer per week fruit.
  • De helft, tot 2/3 van de volwassen bevolking en 3/4 van de jongeren verbruikt dagelijks gezouten en gesuikerde snacks.
  • 10% verbruikt voedingssupplementen.


2. De nutritionele doelstellingen

De nutritionele doelstellingen.

De energiebalans:

  • De evenredigheid tussen de energie-inname en het energieverbruik bevorderen.
  • Verhogen van de fysieke activiteit.

Fruit en groenten:

  • Het verbruik van fruit en groenten verhogen onder de bevolking om tot een minimum van 400 gr per dag te komen.
  • Vermindering van kleine snacks, vooral bij de jongeren.

Vetstoffen:

  • Beperken van de aanvoer aan vetstoffen en streven naar minder dan 35 %.
  • Verbetering van de vetzuursamenstelling.
Koolhydraten en vezels:
  • In de kijker zetten van het verbruik van koolhydraten, met een voorkeur voor complexe koolhydraten (trage suikers) zoals weinig of niet-geraffineerde voedingsmiddelen.
  • Vermindering van het verbruik van snelle suikers.
  • Verhogen van het verbruik van vezelrijke voedingsmiddelen.

Zout:

  • Beperken van de consumptie van zout en gedeeltelijk vervangen door geïodeerd zout.

Mineralen, spoorelementen, vitaminen en andere bestanddelen:

  • Vermindering van het gebrek aan specifieke voedingsstoffen (Vitamine D, calcium,..) in bepaalde bevolkingsgroepen (ouderlingen).
  • Verbeteren van het gebrek aan jodium.
  • Een optimale voeding bevorderen.

Water:

  • De bevolking aanmoedigen om als drank voor water te opteren (ten minste 1,5 liter per dag).


3. De algemene principes van de Belgische strategie

De bevolking moet van concrete, zichtbare en gecoördineerde acties op nationaal niveau kunnen genieten, dat door de voedingstoestand te verbeteren, het risico van ziektes te verminderen en om de algemene gezondheidstoestand en de levenskwaliteit te optimaliseren en dit op alle leeftijden.


4. De strategische peilers van het Nationaal Voedings- en Gezondheidsplan België

Peiler 1 : Informatie en communicatie

De bedoeling is om de bevolking te sensibiliseren en aan te tonen hoe belangrijk het is om er een gezonde levensstijl en voeding op na te houden teneinde te beginnen met het gevecht tegen het overgewicht, obesitas en de factoren die leiden tot een verhoogd risico van chronische aandoeningen.

Logo van het NVGPB

De ontwikkeling van het logo is bestemd om toegekend te worden, op basis van welomschreven criteria en deze worden alleen maar uitgereikt aan acties, initiatieven, publicaties en niet aan voedselproducten.


Peiler 2 : Ontwikkeling van acties die leiden tot goede voedingsgewoonten en tot fysieke activiteit bij de bevolking en in het bijzonder bij de jongeren en de adolescenten

Kenmerkend voor de scholen:


De strategieën van het plan zullen zowel naar het opvoedingsmilieu georiënteerd worden als naar de jongeren zelf.
Het plan voorziet eveneens doelstellingen om acties te bevorderen aangaande goede voedingsgewoonten.


Peiler 3: Het engagement van de hoofdspelers van de privé-sector

De verschillende spelers die hebben bijgedragen tot de realisatie van de doelstellingen van het NVGPB. Wie?

  • Het onderwijs gespecialiseerd in de beroepen aangaande de voedingsketen;
  • Voedingsindustrie;
  • De gemeenschapsrestauratie;
  • De horecasector;
  • Distributiesector;
  • enz.

Hun inbreng zal voor een groot deel het succes van de NVGPB bepalen in de volgende domeinen:

  • De opleiding van professionelen;
  • Het aanbod, de samenstelling en de keuze van voedingsproducten;
  • De verspreiding van informatie omtrent de voedingsproducten;
  • Het imago ten opzichte van de media aangaande voeding en gezondheid.


Peiler 4 : Relatieve maatregelen ten overstaan van specifieke doelgroepen

  • De voeding van zuigelingen en jonge kinderen;
  • Mineralen, vitaminen en andere voedingscomponenten.


Peiler 5 : Ondervoeding : preventie en actiepunten

De ondervoeding, beschreven als een voedingsgebrek, is een groot probleem voor de volksgezondheid.
De cijfers zeggen ons dat 30 à 40% van de patiënten die in een ziekenhuis verblijven het risico lopen om aan ondervoeding te lijden. Dit onderwerp trekt de aandacht van alle ziekenhuisinstellingen, in het kader van globale begroting van de verlaagde werking
.


De ziekenhuizen

Gerichte maatregelen aangaande hun voedingsgewoonte zijn mogelijk vanaf het ogenblik dat ze worden opgenomen in het ziekenhuis. Een systematische opsporing van ondervoeding of een evaluatie van de voedingstoestand van alle opgenomen patiënten, zou een basis moeten geven van alle patiënten die een interventie op het gebied van voeding nodig hebben.

Voorgestelde maatregelen:

  • Benoeming van een verantwoordelijke «voeding» en een voedingscomité in elke verpleeginrichting;

  • Oprichten van een team experts inzake ondervoeding.


Rusthuizen

Voorgestelde maatregelen:

  • Uitwerking van criteria tot accreditatie in de vorm van een voedingscharter, om in de communautaire, regionale en federale wetgeving op te nemen.

  • Het charter zal de accreditatie in de volgende domeinen hernemen

  • Elke instelling dient te beschikken over:
    -
    Een geschreven voedingspolitiek;
    - Geschreven procedures en protocols die worden toegepast bij de vroegtijdige opsporing van ondervoeding onder residenten en de opvolging van de ondervoede ouderling;
    - Een verantwoordelijke «kwaliteit en voeding»;
    - Een voedingscomité.

  • De instelling zal een aangename omgeving en een gunstige psychosociale sfeer creëren tijdens de maaltijden. De instelling zal een gezonde en evenwichtige voeding aanbieden, met extra aandacht voor de volgende punten:
    - Voldoende groot aanbod;
    - Individuele voedingsporties;
    - Aanbod van menu's en maaltijden die zijn goedgekeurd door de verantwoordelijke «kwaliteit en voeding»;
    - Rekening houdend met de individuele noden van de residenten;
    - Garantie dat de verantwoordelijke voor de bereiding, de distributie en de bedeling van de maaltijden de nodige opleidingen krijgt.
Hospitals.be > Sodexo FR